Het mestdecreet beoogt in hoofdzaak elke overmatige uitspreiding van meststoffen, zowel dierlijk mest als kunstmest, te voorkomen. De ecologische afzet van dierlijk mest te bevorderen en het lozen en dumpen van dierlijk mest te verhinderen.
Om deze doelstelling te bereiken, voorziet het decreet in een aantal concrete maatregelen: bemestingsregels, aangifteplicht, transportregeling, productiebeperkingen, heffingen, controle- en strafmaatregelen, mestbank, oprichting van de stuurgroep Vlaamse mestproblematiek.
Het opbrengen van dierlijk mest op cultuurgronden is aan strikte regels onderworpen. Voor meer informatie kan u terecht bij de milieudienst, tel. 011 44 50 40, e-mail: technischedienst@hamont-achel.be of bij de Mestbank, Koningin Astridlaan 10, 3500 Hasselt, tel. 011 29 87 00.
Alle dierlijk mest moet worden toegediend met zo weinig mogelijk geurhinder en zo weinig mogelijk afvloei. Dit kan op grasland door zode-injectie of de sleepslangtechniek, op niet beteelde akkers door mestinjectie of door uitspreiden en inwerken van de mest binnen de 2 uur (op zaterdag onmiddellijk inwerken) en voor beteelde akkers kan dit door mestinjectie of de sleepslangtechniek. Het opbrengen van dierlijk mest op andere grond dan cultuurgrond, is verboden (dus niet in bossen, …). De hoeveelheden die opgebracht mogen worden, zijn beperkt. Verboden is uiteraard mest te lozen in riolering, waterlopen, wegen, bermen e.a.